|
► Nieuw ◄ |
||||||||
|
N.V. De Heerlijkheid Sterksel |
||||||||
|
De “Stichting tot
behoud en exploitatie van het cultureel erfgoed in Sterksel”
richtte in 2006 een monument op van een kipkar. Daar zijn er meer van, maar
de entourage en het bijbehorende, onbekende en wat geheimzinnige verhaal zijn
bijzonder. Het monument leverde Sterksel dan ook de
titel “Kern met Pit” op in de leefbaarheidswedstrijd
voor dorpen en steden van de Koninklijke Nederlandsche
Heidemaatschappij. Het monument
ligt riant in een soort mini-arboretum, aan de met
statige bomen omzoomde Kloosterlaan, een kilometer
van de dorpskern. De rustige omgeving, zitgelegenheid en een uitstekend
informatiebord maken het er goed toeven. De Kloosterlaan is een stille grintweg die alleen voor niet
gemotoriseerd verkeer toegankelijk is.
Hierlangs voerde het smalspoor van de N.V.
De Heerlijkheid Sterksel. Het is verleidelijk te
fantaseren hoe de treinen hier in een tunnel van Amerikaanse eiken liepen.
Dat beeld klopt echter niet. De Kloosterlaan is
door de N.V. De Heerlijkheid Sterksel
aangelegd en ten tijde van het smalspoor kunnen de bomen nog niet hoog
geweest zijn. Het monument
ligt ook vlak bij de overweg van de huidige Beukenlaan (vroeger
Stationsstraat) in de spoorlijn Eindhoven-Weert.
Hier stond het ‘station’ Sterksel (officieel was
het een halteplaats). De halte was in gebruik van 1913 tot 1938 en ook van
1940 tot 1944 (in verband met de Hitlerjugend in
Huize Providentia). Het stationsgebouw uit 1912 is
in 1965 afgebroken. Bij de losplaats begon de smalspoorlijn van de N.V. De Heerlijkheid Sterksel.
Er werd gerangeerd op het driehoekige stuk grond waar nu het monument op
staat. |
|
|||||||
|
Het begrip heerlijkheid Een
“heerlijkheid” is het eigendom van een heer. Meestal een edelman, maar de
heerlijkheid Sterksel was eeuwenlang eigendom van
de abdij van Averbode. Na de Franse tijd kwam de
heerlijkheid in handen van de familie Pompen. Daarvan was J.F.
Pompen medeoprichter van de tramwegmaatschappij de Meijerij.
Hij heeft zich ook sterk gemaakt voor de aanleg van de spoorlijn Eindhoven-Weert, maar hij heeft de aanleg niet meer
meegemaakt. De N.V. Een erfgenaam
verkocht de heerlijkheid in 1915 aan de N.V. De
Heerlijkheid Sterksel. Deze onderneming was in dat
jaar opgericht door een aantal industriëlen op initiatief van de heer D. Willems, een Belgische vluchteling (het was immers de
Eerste Wereldoorlog). De N.V wilde van Sterksel een tuinstad te maken door de bouw van villa’s,
kleine boerenbedrijven, tuinbouwbedrijven, etcetera.
De plannen lijken nu misschien grotesk, maar in die tijd werd het gebruikelijk
dat gegoede burgers zich buiten vestigden en per trein naar en van hun werk
in de stad reisden. Denk aan Amsterdam en het Gooi. Van deze plannen kwam
weinig terecht, al werd er wel een hotel gebouwd. In plaats
daarvan werd de ontginning krachtig ter hand genomen met veelal van elders
gekomen arbeiders, ossen en paarden. Vennen werden droog gelegd door de
aanleg van een afwateringskanaal. Bossen werden gekapt want in de Eerste
Wereldoorlog vond brandhout gretig aftrek. Zowel op de ontginningen als op de
al aanwezige boerderijen werd met
wisselend succes landbouw en veeteelt bedreven. Er werd veel kunstmest
gebruikt. Het smalspoor Over het
transport zei de vroegere administrateur van de N.V.
tijdens een door dhr. Sjef Driessens
opgetekende lezing in 1965: “Er worden ook in de loop van de jaren aangekocht
en gehuurd, ca De locomotief Het is helaas
niet duidelijk of het hier een stoomlocomotief ofwel een locomotief met
verbrandingsmotor betrof. De archieven van het Stoomwezen en leverlijsten van
locomotieffabrikanten noemen Sterksel niet. Na de
Eerste Wereldoorlog waren de aan het front massaal ingezette
smalspoorlocomotieven goedkoop verkrijgbaar. Experimenten mislukten wel
vaker. De rails die voor paardentractie voldeden, waren vaak te licht voor
locomotieven. Het sporenplan kan bij paardentractie eenvoudig zijn. Aan een
eindpunt kan men het paard immers uitspannen en aan de andere kant van de
trein weer inspannen. Bij een locomotief heeft men aan een eindpunt een
omloopspoor met twee wissels nodig of de loc moet de trein terug duwen. De
bediening van een locomotief is voor ongeschoold personeel allerminst
eenvoudig. |
||||||||
|
Het Spoor |
||||||||
|
|
Het document links is door de weduwe van de administrateur van
de N.V. De Heerlijkheid Sterksel
geschonken aan dhr. Sjef Driessens.
Het betreft een
specificatie van de firma Goudriaan (na 1925
Spoorijzer) te Delft aan dhr. Perquin,
aandeelhouder en bestuurslid van de N.V. De
Heerlijkheid Sterksel. Met “rails” worden de
afzonderlijke spoorstaven bedoeld, want het aantal lasplaten is ongeveer het
dubbele van het aantal “rails”. Uit de klad-berekening
blijkt dat het om bijna 4 kilometer spoorstaaf gaat. De 392 spoorstaven zijn
dan elk 10 meter lang geweest. Uit de post
spoorspijkers blijkt dat de spoorstaven op houten dwarsliggers gespijkerd
waren. Dwarsliggers staan niet bij de specificatie. Er is een tweede
document, waarin een totaal genoemd wordt van f 12.650,17½. Het verschil zal
onder andere het rollend materieel betreffen. |
|||||||
|
Het sporenplan Van de vier
hierboven genoemde wissels waren er in elk geval twee nodig voor de twee
aftakkingen, die te zien zijn op de hieronder
weergegeven kaart op het informatiebord. Het smalspoor is met zwarte
blokjes aangegeven. Het liep via de Kloosterlaan en
het verlengde daarvan – de Albertlaan – via een
scherpe bocht naar het Peelven. Een aftakking
voerde naar kunstmestopslag van de maatschappij bij de dorpskern(3). Een
tweede aftakking liep via 6 en de “Décauville baan”
naar grote veestallen aan de Vlaamsche Weg. Vanaf
1925 werd -in opdracht van de broeders van St.Joseph-
Huize Providentia (4 op de kaart) voor epileptici
gebouwd. Bouwmateriaal werd aangevoerd per smalspoor. Hiervoor was een
tijdelijke aftakking gemaakt (die niet op de kaart staat). |
||||||||
|
|
||||||||
|
De hierboven
genoemde “Décauville baan” komt al voor op kaarten
uit de tijd van de N.V., maar is thans niet
openbaar toegankelijk. Er staan geen huizen aan. Décauville
was een Franse fabrikant, die al vroeg makkelijk verplaatsbaar smalspoor op
de markt bracht. Omdat Décauville er al zo vroeg
bij was, gebruikte men vaak de term “Décauville
spoor” in plaats van smalspoor, ook als het een andere fabrikant betrof. Om
een voorbeeld te geven: in de Harskamp op de Veluwe
is het “Decauville Spoorweg Museum” gevestigd. Dat
heeft een smalspoor traject en 23 locs en
ca. 160 lorries en wagens. Daarvan is echter alleen een enkele kipwagen
door Décauville gebouwd. De “Décauville
baan” hoeft er dus niet op te duiden dat de N.V.
werkelijk materieel van de fabrikant Décauville
gebruikt heeft. |
||||||||
|
Het einde |
||||||||
|
De huisbankier
van de N.V. -de Hanzebank in ’s Hertogenbosch-
ging in 1924 failliet. Dat leidde tot het failliet van de N.V.
De Heerlijkheid Sterksel in 1925. Rechts een advertentie in de NRC van 28 september 1925. De bezittingen
werden in 1925 en 1926 openbaar geveild. Advertenties noemen onder andere
boerderijen, bouwland, weiland, dennenboschen,
jachtgebieden en een electrische centrale. Over het
smalspoor wordt echter niets gezegd. |
|
|||||||
|
Het smalspoor
heeft nog enige tijd dienst gedaan, onder meer bij de bouw van Huize Providentia (voor epileptici, 4 op de kaart) in 1925 en
voor het vervoer van steenkolen die aldaar voor de verwarming nodig waren. Na
1930 raakte de baan in onbruik en werd opgebroken. De afrastering Providentia herinnert aan het smalspoor, want de
staanders zijn gemaakt van de rails. Dat gebruik van
versleten smalspoor kwam vaker voor, zoals blijkt uit de advertentie van
Spoorijzer in het tijdschrift van de Heidemij in
1939. |
|
|||||||
|
Tot slot een
foto van het monument, genomen op 3 juli 2009.
Op de achtergrond staat het informatiebord. Dit bevat -behalve tekst en het sporenplan
hierboven- een aantal fraaie schetsten in Delfts blauw. Uiteraard was
er geen oorspronkelijke kipkar meer voorhanden. De kipkar komt via een
particulier uit Stamprooij van één van de twee
steenfabrieken aldaar. De spoorwijdte is 700 mm, zoals dat ook het geval was
bij de N.V. De Heerlijkheid Sterksel. |
|
|||||||
|
Bronnen Ø dhr. Sjef Driessens Ø infomatiebord bij het monument |
Ø Marinus Vermooten,
“Spoortocht langs oude en nieuwe N.S.-stations; Brabant-Limburg-Zeeland”; De Kempen BV, 1987. Ø http://stationsweb.brinkster.net/ |
|||||||