|
► Nieuw ◄ |
|||||||||||
|
Kaapstaander |
|||||||||||
|
|
Een kaapstaander ergens in Nederland. Het lijkt of de bedieningsman het zware werk doet, maar dat gebeurt door een ondergrondse elektromotor die de trommel aandrijft. De kabel wordt ongeveer 1½ slag om de trommel geslagen. Zodra de bedieningsman de kabel wat strak trekt, wordt de kabel – vanwege de wrijving – door de draaiende trommel meegenomen. De ingehaalde kabel wordt niet op de trommel opgewonden, maar ernaast op de grond gelegd. De elektromotor wordt met de voet bediend (zie ook de foto hieronder). Rechts is nog juist een kleine draaischijf te zien. De wagen staat kennelijk op een kopspoor en wordt met de kaapstaander naar de draaischijf getrokken, omdat zelfs een kleine locomotief als de Sik niet samen met de wagen op de kleine draaischijf past. De kabel is bevestigd in een rangeeroog op een hoek van de wagen. Een nadeel is dat er alleen in één richting getrokken kan worden. Om de wagen de andere kant op te trekken is een 2de kaapstaander of een geleiderol bij het einde van het kopspoor nodig. Bron foto: archief van NS TransportVoorlichting /Logitech. |
||||||||||
|
|
Nog een nadeel was dat met de kaapstaanders wel wagens in beweging konden worden gebracht, maar niet konden worden geremd: als het kabeluiteinde door de bedieningsman gevierd werd (of de motor werd uitgeschakeld), nam de trommel de kabel weliswaar niet meer mee, maar de wagen rolde uit. Er moest met een remschoen gewerkt worden. Bovendien bestond het gevaar dat de kabel voor de wielen kwam. |
||||||||||
|
← Het grootste deel van deze kaapstaander van Windhoff bevindt zich onder de grond (foto ↓, Abb.560) en drijft de bovengrondse kabeltrommel aan. Deze kaapstaander één diameter, maar de kaapstaander op de vorige foto heeft twee verschillende diameters. Dat maakt twee verschillende snelheden mogelijk. Door het plaatsen van geleiderollen kon de kaapstander ook in bogen gebruikt worden. |
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
De kaapstaander was aantrekkelijk vanwege de lage prijs, namelijk f 8.000 tot 10.000 volgens een document van de NS afdeling Transportvoorlichting uit 1965. Zowel een wagonduwer als een Tirfor takel -gebruikt als lier- kostten toen ongeveer f 20.000 en een lierinstallatie met een eindeloze kabel f 60.000. Overigens hebben alle systemen die werken met een kabeloog of rangeerbolder op de zijkant van een wagen een beperking tot een trekkracht van 3 ton. Bij het ontwerp van een wagen is er immers vanuit gegaan dat de trekkracht in het midden (en niet aan de zijkant) aangrijpt. |
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
De aandrijving van de Sadi kaapstaander was bovengronds. Het apparaat kon draaien om een kolom die in een bus in de fundering werd geplaatst. Hierdoor draaide deze kaapstaander zichzelf automatisch loodrecht op de trekrichting en was makkelijk naar een andere fundering te verplaatsen (zie foto links). Sadi werd vertegenwoordigd door Kimman in Rotterdam. |
|||||||||||
|
Slotopmerkingen |
- |
Als boven gezegd: bij een kaapstaander wordt de kabel niet
op de trommel opgewonden. Als dat wel het geval is, spreekt men van een lierinstallatie. |
|||||||||
|
- |
Bij een kaapstaander kan een touw of een staaldraad worden gebruikt. Bij gebruik van touw is de trekkracht beperkt. Het gebruik van (vergeleken met touw stijvere) staaldraad vereist vakmanschap en is niet van gevaar ontbloot. |
||||||||||
|
Bronnen |
- |
Folder uit 1953 van de Windhoff Rheiner Maschinenfabrik AG te Rheine in het archief van de NV Laura & Vereeniging te Eygelshoven, berustend bij het Sociaal Historisch Centrum Limburg. |
|||||||||
|
- |
Sadic folder en interne notitie van NS afdeling Transportvoorlichting, verkregen van de firma Logitech. |
||||||||||
|
|
|
||||||||||
|
{ |
|||||||||||
|
Terug/verder naar: |
|
||||||||||
|
|||||||||||