|
► Nieuw ◄ |
||||||||
|
|
||||||||
|
Orenstein & Koppel MD2b (bron tekening: Fred Vos) |
||||||||
|
|
||||||||
|
In grote
lijnen: O&K begon
met benzinelocomotieven. De eerste diesellocs
behoorden tot de RL serie. Ze kregen motoren die in licencie van ACRO gebouwd
waren. De serie liep van de RL1 (met een ééncilindermotor van 10 pk) tot de
RL8 voor normaalspoor (met een viercylinder motor van 80 pk. Het cijfer
achter RL (= Roh Öl) gaf dus – vermenigvuldigd met 10 - het aantal pk’s. Vervolgens ging
O&K dieselmotoren naar eigen ontwerp bouwen. Deze motoren werden
ingebouwd in locs van de nieuwe MD serie. Vanaf 1934 verscheen de MD1 (met
een ééncilindermotor, aanvankelijk MD genoemd) en vanaf 1936 de MD2. Na de
Tweede Wereldoorlog werd de productie voort gezet. Men maakte toen
onderscheid tussen de MD2a van 22 pk en de MD2b, die op een hoger toerental
was afgesteld en een vermogen van 26 pk bereikte. Het type MD3 bestond ook,
maar was – voor zover bekend – niet in Nederland vertegenwoordigd. Kenmerken
zijn van de MD zijn o.a. de scheenplaten in de vorm van staven met een
rechthoekige doorsnede en de platte motorkap met afgeschuinde zijkanten. De MD serie
werd afgelost door de MV serie, waarin overigens hetzelfde motortype werd
gebruikt. De laatste MD2b is in 1955 gebouwd. De naoorlogse MD2b’s werden
door Schöma gebouwd omdat de fabriek in O&K Nordhausen in Oost Duitsland
was komen te liggen en de nieuwe fabriek in Dortmund nog in opbouw was. Orenstein &
Koppel in Amsterdam had MD2’s in het verhuurpark. Toen er geen animo meer
bestond om een smalspoorloc te huren, werden deze MD2’s omgebouwd voor normaalspoor. |
||||||||
|
|
Foto’s O&K
MD2 bij de aannemers Bruil in Ede
en Dekker uit Edam |
|||||||